
Hoe Europa makers en micro-ondernemers nu de das omdoet
De EU verplicht producenten al een tijd om verantwoordelijkheid te nemen voor verpakkingsafval via regelingen voor uitgebreide producenten-verantwoordelijkheid (EPR). En vanaf 12 augustus 2026 geldt de nieuwe verordening inzake verpakkingen en verpakkingsafval (PPWR).
Deze heeft het prima doel om de verpakkingsregels in de hele Europese Unie te harmoniseren en vooral om de hoeveelheid afval te verminderen.

Hoe Europa makers en micro-ondernemers nu de das omdoet
Helaas zorgt de PPWR ervoor dat het gefragmenteerde nationale model blijft bestaan, in plaats van dat er één Europees systeem wordt gecreëerd. Een bedrijf dat rechtstreeks aan klanten in de hele EU verkoopt, moet zich in elke lidstaat waar zijn verpakkingen afval worden, afzonderlijk registreren en aan zijn verplichtingen voldoen.
Voor grote bedrijven maakt dit deel uit van de bedrijfskosten. Maar voor micro-ondernemingen, die slechts een handvol producten per land verkopen, staan de kosten en de administratieve lasten niet in verhouding tot de hoeveelheid verpakkingsmateriaal.

Hoe Europa makers en micro-ondernemers nu de das omdoet
Een voorbeeldStel je een ingenieur voor in een willekeurig Europees land, die een open-source sensor-bord ontwerpt en daar 25 euro voor rekent.
In het eerste jaar verkoopt hij er vijf in Duitsland, twee in Frankrijk, twee in Oostenrijk en één in België. Elk exemplaar wordt verzonden in een klein antistatisch zakje en een gewatteerde envelop. De hoeveelheid verpakkingsmateriaal die bij elke verkoop wordt geproduceerd, bedraagt waarschijnlijk ongeveer 50 gram.
Hierdoor is hij nu een producent van verpakkingsafval in vier landen geworden. Op basis van de indicatieve prijzen die momenteel door nationale regelingen en dienstverleners op het gebied van naleving worden gehanteerd, kunnen de jaarlijkse kosten voor Frankrijk alleen er als volgt uitzien:
- Inschrijving bij een verpakkingsregeling (€ 110 aan kosten per jaar).
- Gebruikmaken van de diensten van een bevoegde vertegenwoordiger (tussen de € 190 en € 300 aan extra kosten per jaar).
- Tijd besteden aan het registreren, documenteren en rapporteren van geproduceerd afval.
En als je naar meerdere landen verstuurt, dan lopen deze kosten steeds verder op:
- België: € 50 tot € 100 administratiekosten per jaar (plus de diensten van een gevolmachtigde vertegenwoordiger, tussen de € 250 tot € 450).
- Duitsland: de registratie is gratis, maar deelname aan het verpakkingssysteem begint bij ongeveer € 10 per jaar, een gevolmachtigde vertegenwoordiger kost ongeveer € 190 per jaar.
- Oostenrijk: € 250 administratiekosten per jaar, plus de diensten van een gevolmachtigde vertegenwoordiger (ongeveer € 100).
Kortom, de toetredingsdrempel voor deze vier landen bedraagt in een optimistisch scenario in totaal 1.150 euro per jaar. De op het gewicht gebaseerde milieuheffing voor een halve kilo verpakkingsmateriaal bedraagt slechts enkele centen. De administratieve rompslomp die nodig is om dit te verwerken, kost daarentegen duizenden euro’s.
OplossingenOp de korte termijn is de beste oplossing voor makers en micro-ondernemers om niet meer binnen de EU te verzenden. Op de (iets?) langere termijn zouden de oplossingen van de EU moeten komen, die hebben deze situatie tenslotte geschapen.
Oplossing nr. 1: Een EU-brede de-minimisdrempel invoeren.
Verkopers van kleine hoeveelheden en micro-ondernemingen vrijstellen van grensoverschrijdende verpakkingsverplichtingen. De drempel zou alleen gelden voor producenten die onder een bepaald afvalvolume en/of een bepaalde jaaromzet blijven.
Oplossing nr. 2: Een EU-EPR-one-stop-shop opzetten
Zorg voor een centraal EU-portaal waar verkopers zich kunnen registreren, afval kunnen aangeven en in één keer werkelijk redelijke vergoedingen kunnen betalen voor alle lidstaten waarnaar zij producten verzenden. Dit zou kunnen zijn gebaseerd op het mechanisme dat al bestaat voor de btw via het One-Stop-Shop-systeem (OSS).
Aangezien we in 2026 zijn, zou het grootste deel van dit werk idealiter moeten verlopen via een moderne, open RESTful API (in plaats van webformulieren) en open-source software, om het proces zo veel mogelijk te automatiseren.
Oplossing nr. 3: Marktplaatsen toestaan om micro-ondernemingen gezamenlijk te vertegenwoordigen en te beheren, alsof het één enkele producent betreft.
Er zou een mechanisme moeten komen waarmee marktplaatsen zoals bijvoorbeeld
Lectronz of
Tindie zich kunnen registreren, afval kunnen rapporteren en redelijke vergoedingen kunnen betalen namens al hun verkopers, alsof zij gezamenlijk één afvalproducent zouden zijn.
Dit betekent dat de marktplaats administratieve vergoedingen en andere EPR-kosten zou betalen die overeenkomen met die van één enkele producent, die gezamenlijk al haar verkopers zou vertegenwoordigen. Voor Lectronz zou dit een niet te verwaarlozen impact hebben in termen van kosten en administratieve rompslomp, maar het zou onder de juiste omstandigheden mogelijk haalbaar kunnen zijn.
Zoals hierboven vermeld, zou het gebruik van een gemeenschappelijke API-standaard voor alle landen helpen om processen te automatiseren.
Laat je stem horenDeze verordening heeft enorme gevolgen voor het hele ecosysteem van micro-ondernemingen, niet alleen voor makers. Het raakt kunstenaars die hun creaties online verkopen. Lokale producenten van traditionele voedingsmiddelen die hun producten binnen de EU exporteren. Het raakt ook ambachtslieden die hun werk online verkopen via hun eigen website of gespecialiseerde platforms zoals Etsy. Buiten de kleine wereld van makers en doe-het-zelf-elektronica zal dit gevolgen hebben voor het levensonderhoud van mogelijk honderdduizenden mensen in de EU.
Jeanette Koňarčíková, een onafhankelijke kunstenares en micro-ondernemer uit Slowakije, heeft
een online petitie gelanceerd om de aandacht van beleidsmakers op deze kwestie te vestigen. Deze is doordacht en goed geschreven, een aanrader dus.
En de Europese Commissie zelf heeft voor deze kwestie ook een openbare pagina voor feedback, die is
hier te vinden.
Wil je nog meer lezen over dit onderwerp, dat kan op
deze pagina van Lectronz.