
Nog heel wat werk aan de winkel voor Apple op het gebied van privacy
Apple heeft de afgelopen jaren hard aan de weg getimmerd om over het voetlicht te krijgen hoe belangrijk privacy is voor het bedrijf, het is duidelijk een ‘unique selling point’ geworden. Dat gebeurde onder andere met commercials met de slogan “Privacy. That's Apple”, of variaties daarop.
Maar onderzoek van Aalto University
laat zien dat er mogelijk nog wel aardig wat door Apple te verbeteren valt.

Nog heel wat werk aan de winkel voor Apple op het gebied van privacy
klik of tap voor een grotere versie
Voor het eerst werden apps van Apple zelf onderzocht, dat waren de volgende acht: Safari, Siri, Family Sharing, iMessage, FaceTime, Location Services, Find My en Touch ID.
Associate Professor Janne Lindqvist was verbaasd over het resultaat, en zei er onder andere het volgende over:
Door de manier waarop de gebruikersinterface is ontworpen, weten gebruikers niet wat er gebeurt. De gebruiker krijgt bijvoorbeeld de optie om Siri, de virtuele assistent van Apple, wel of niet in te schakelen. Maar inschakelen betekent alleen of je de spraakbesturing van Siri gebruikt. Siri verzamelt gegevens op de achtergrond van andere apps die je gebruikt, ongeacht je keuze, tenzij je weet hoe je naar de instellingen moet gaan om dat specifiek te veranderen.
Hoewel dit klopt suggereert het ook wel enige naïviteit aan de kant van de onderzoekers. Want Apple zet al een tijd alles wat ons helpt onder de noemer Siri, dat is allang niet meer alleen de stem-assistent. En goed voorbeeld daarvan zijn
Siri-suggesties, daar hoeft de stem-assistent helemaal niet aan te pas te komen.
Het bezwaar van de onderzoekers van Aalto University was vooral gericht op het probleem om alle, maar dan ook echt alle, manieren voor Apple om data te verzamelen uit te zetten. Hierover Amel Bourdoucen, een gepromoveerde onderzoeker van Aalto University:
De online instructies voor het beperken van gegevenstoegang zijn erg complex en verwarrend, en de benodigde stappen zijn verspreid over verschillende plaatsen. Het is niet duidelijk of je naar de app-instellingen, de centrale instellingen of zelfs beide moet gaan.
Voor Apple waarschijnlijk niet erg makkelijk om dat te verwezenlijken, maar het belang werd bijvoorbeeld hierdoor geïllustreerd:
Het vinden en aanpassen van privacy-instellingen kostte ook veel tijd. Bij het aanpassen krijgen gebruikers geen feedback of het gelukt is. Ze verdwalen dan onderweg, gaan achteruit in het proces en scrollen willekeurig, niet wetend of ze genoeg hebben gedaan.
Uiteindelijk waren de deelnemers in staat om één of twee stappen in de goede richting te zetten, maar geen van hen slaagde erin om de hele procedure te volgen om hun privacy te beschermen.
Wil je precies weten wat Apple ons allemaal vertelt over hoe ze onze privacy beschermen, dan is
deze pagina een goed startpunt. Wil je meer details te weten komen, daarvoor
kan je hier terecht.
Op die laatste pagina is dit stukje waarschijnlijk het belangrijkst:
Je bent niet verplicht om de persoonsgegevens te verstrekken waarom we hebben gevraagd. Als je ervoor kiest om dit niet te doen, kunnen we je echter in veel gevallen geen producten of services aanbieden of reageren op eventuele verzoeken van jou.
Dat is ook iets wat Janne Lindqvist benoemt:
Veel gebruikers zijn gewend aan naadloze interactie met meerdere apparaten, waardoor het moeilijk is om terug te gaan naar een tijd van meer beperkte gegevensuitwisseling. Apple zou gebruikers echter veel duidelijker kunnen informeren dan het nu doet.
Het persbericht over het onderzoek sluit af met een korte alinea die niet onbelangrijk is:
Lindqvist kan niet direct zeggen hoe Google's Android in soortgelijke opzichten werkt, omdat nog niemand de apps van Google in kaart heeft gebracht. Maar uit onderzoek naar apps van derden in het verleden blijkt niet dat Google privacybewuster is dan Apple.
Dat lijkt op zijn minst een behoorlijk understatement.
#Privacy