Bij monotoon en saai denk ik aan bijvoorbeeld de Bijlmer.
Of noem maar een willekeurige andere nieuwbouwwijk uit de jaren zeventig/tachtig.
En dat is saaiheid troef; eindeloze door bouwkosteneconomie gedirigeerde eenvormige rijen, waarachter door de combinatie van postzegeltuintjes en regels nergens meer een fatsoenlijke boom kan staan. Een monotonie waar een kind de weg naar huis niet meer vindt. De vogelaarwijken van de toekomst.
Het grappige is: zelfs in de DDR zagen ze in dat het ook anders kon. In Bernau, noordoostelijk van Berlijn, konden ze maar
één historisch pand restaureren - middelen voor meer waren er niet. Dat werd dan ook een gemeenschapshuis. Verder hebben ze het oorspronkelijke stratenplan gehandhaafd, niet meer dan vier woonlagen op elkaar gestapeld en de prefabplaten ook niet allemaal dezelfde (maar wel een mooiere) afwerking gegeven. Het was 35 jaar geleden een interessante rondleiding, die me is bijgebleven.
Inmiddels is er daar e.e.a. gesaneerd en staat het onder Denkmalschutz.
We zijn in NL nogal eens van het grote slagen, snel thuis en dat leidt tot kaarsrechte dijken, en repetitieve bouw, want snel en goedkoop. Want wie het ontwerpt en aanlegt hoeft er doorgaans niet zelf te wonen. Terwijl het echt niet zoveel meer moeite hoeft te kosten om er wat moois van te maken. Maar je moet ervoor open staan en je moet het willen.